Het denkraam EVM

Op basis van het gedachtegoed van Stewart Brand is een denkraam ontwikkeld dat behulpzaam is bij het maken van een analyse van gebouwd erfgoed. Het denkraam bestaat uit een twaalftal lagen, de zogenaamde ‘S-en, waaronder een zestal fysieke lagen (dit zestal is door Stewart Brand ontwikkeld), en een zestal niet-fysieke lagen (deze zijn door ons toegevoegd).

Fysieke lagen:

  • Site:  is de plek c.q. de kavel waarop het gebouw staat.
  • Structure:  is de constructieve draagstructuur van het gebouw.
  • Skin: is de gevel met van het gebouw met open en gesloten delen (waaronder vensters en deuren)
  • Services:  zijn de gebouw gebonden installaties.
  • Spaceplan:is de indeling en inrichting van het gebouw, bestaande uit dienende en bediende ruimten
  • Stuff: is al het losgoed wat in het gebouw aanwezig is.

Niet fysieke lagen:

  • Story: zijn de verhalen c.q. de beschrijving en verbeelding van de geschiedenis van het gebouw.
  • Surroundings: zijn de ruimtelijke, sociale en economische variabelen (in de directe omgeving van het gebouw) en de wisselwerking aan ontwikkelingen die daartussen plaatsvinden.
  • Sense: zijn de verschillende vormen van beleving van het gebouw door de betrokken stakeholders, gekoppeld aan de gebruikswaarde van het gebouw voor deze stakeholders.
  • Stakeholders: zijn alle betrokken partijen die direct of indirect invloed kunnen uitoefenen op de ontwikkelingen betreffende het gebouw.
  • Solvabilitybetreft het vermogen, de investeringen, de financiering en de langlopende exploitatie van eigenaar en gebruiker, alsook de investeringen, subsidies en exploitatiebijdragen door derden waaronder fondsen en overheden.
  • Sustainability:  is fysieke en sociale duurzaamheid. Fysieke duurzaamheid is het gebruik van duurzame bouwmaterialen, nieuwe (lokale) vormen van duurzame energieopwekking, energiebesparing, toepassen van circulariteit en biobased bouwen. Sociale duurzaamheid is het welbevinden van mensen op korte en lange termijn en tevens het behoud en het beheer van het immateriële erfgoed van het gebouw voor toekomstige generaties.

De verschillende  fysieke lagen hebben verschillende levensduren, oftewel omloopsnelheden. Bij het maken van een analyse van het gebouwde erfgoed is aandacht voor deze verschillende omloopsnelheden essentieel.

We hebben de twaalf ’S en samengevat in een denkraam EVM. Door toepassing van het denkraam EVM wordt een holistische en integrale benadering en analyse van het gebouwd erfgoed mogelijk.

Op basis van de context van het gebouw c.q. het complex, de algemene en specifieke vraagstellingen maken we per S een analyse en formuleren oplossingsrichtingen om vervolgens weer terug te gaan naar het hele gebouw